Rusland is weer terug bij af

We kennen allemaal nog de beelden uit de jaren tachtig uit Moskou: het leger dat strak geregisseerd door de straten paradeert, de tanks die met raketten voorbij rollen, en het opperhoofd van de Communistische Partij die de troepen inspecteert. Daarna kwam de Perestrojka, democratie, een staatsgreep, weer democratie onder leiding van Boris Jeltsin en daarna Vladimir Putin. Maar hoe het nu echt gaat in het land, daarvan kan het publiek in het westen zich nog steeds nauwelijks een voorstelling maken.
Wie het boek Putin’s Russia (2004) leest van journaliste Anna Politkovskaya kan niet anders dan concluderen dat Rusland weer terug bij af is. Het beste bewijs daarvoor wordt cynisch genoeg geleverd door de dood van de verslaggeefster in oktober vorig jaar. Door een huurmoordenaar werd ze neergeschoten. De dader is nog steeds niet gevonden en wie het boek leest twijfelt er niet aan dat dat ook nooit zal gebeuren.
Mogelijke opdrachtgevers voor de moord zijn er genoeg. Politkovskaya ontleedt namelijk stukje bij beetje de huidige Russiche samenleving. Hoe het land opleefde door de vrije markt-economie van Jeltsin, dat er een middenklasse ontstond en een gevoel van vrijheid. Maar langzaam verspreidde de kankercellen der corruptie zich vanuit Moskou naar alle delen van het rijk. Een ontwikkeling die volgens de journaliste helemaal uit de hand liep toen Putin aan de macht kwam. Rusland is in feite een éénpartijstaat geworden zoals ten tijde van de Sovjet-Unie, betoogt ze. Autoriteiten stoppen hun eigen falen in de doofpot. Wie niet corrupt is, komt nergens. De rechterlijke macht is niet onpartijdig maar in handen van de maffia en het Kremlin.
Het klinkt te onwaarschijnlijk om waar te zijn. Politkovskaya maakt de realiteit echter tastbaar door het verhaal klein te houden: portretten van mensen die geprofiteerd hebben van het nieuwe regime, en vooral de slachtoffers van de huidige machthebbers. Het enige kritiekpuntje op het boek is dat de auteur overduidelijk stelling neemt. Ze is echter zo goed ingevoerd en gedocumenteerd dat ook dat niet echt een bezwaar is. De drama’s van de basisschool in Beslan en het theater in Moskou zijn internationaal bekend. Politkovskaya maakt duidelijk hoe het kan dat terroristen tot zulke middelen grijpen. Daarnaast schetst ze een onthutsend beeld hoe criminelen de kans krijgen om zich via de bovenwereld te verrijken. Hoe ze complete bedrijven leegzuigen en verwaarloosd achterlaten, complete steden werkloos. Het zijn de zogenaamde oligarchen, die onder Putin bijna ongehinderd hun gang kunnen gaan en zoveel geld hebben dat ze als hobby een Engelse voetbalclub kunnen opkopen, zoals Roman Abramovitsj deed. Het is jammer dat Politkovskaya is overleden, want het zou buitengewoon interessant zijn als zij een onafhankelijke biografie zou schrijven over de Chelsea-eigenaar.