Viggo Mortensen kleurt The Road asgrauw

Regisseur John Hillcoat zet het verschil lekker vet aan. Je hebt de korte flashbacks naar het leven vóór de ramp, geschoten in warme kleuren, waarin Viggo Mortensen en Charlize Theron elkaar liefhebben en hun zoontje ter wereld brengen. En je hebt het leven na de catastrofe, geschoten in grijstinten, waarin Theron kampt met postnatale depressies en met de gevolgen van de rampspoed die al het dierlijk leven op aarde heeft uitgeroeid.

Wat er precies is gebeurd, wordt nooit duidelijk in The Road. Dat is verder ook niet zo belangrijk, want de film draait om menselijke overlevingsdrang en naastenliefde. Opofferingsgezindheid ook, want de enige reden dat de steeds harder hoestende Mortensen wil blijven leven, is om zijn zoon te beschermen. Samen wandelen ze, met een supermarktwagentje, door de post-apocalyptische wereld. Op zoek naar voedsel, op zoek naar zonlicht, op zoek naar hoop en toekomst.

No country for old men
Het was geen vrolijk boek dat Cormac McCarthy schreef. Een ander boek van hem, No country for old men, werd in 2008 succesvol verfilmd door de broers Coen. Ook daar werd de oorzaak van alle dramatische verwikkelingen nooit duidelijk. Het geeft de mensen die gewend zijn aan Hollywood-films wellicht het gevoel dat de verhalen niet keurig afgerond zijn. Maar psychologisch krijgen de films daardoor veel meer diepte, omdat er rafelige randen zijn aan het script, net als in het echte leven.
Knap werk dus van de Australische regisseur Hillcoat, die nog niet veel speelfilms op zijn naam heeft staan. Hij schoot onder andere in Australië op de zwartgeblakerde hellingen van Mount Helen, waar een vulkaanuitbarsting alle leven had gedood. En hij filmde bijvoorbeeld in New Orleans, verwoest door de orkaan Katrina. Maar Hillcoat schoot alleen als de zon niet scheen, want The Road moest asgrauw blijven.

Menselijke warmte
De enige hoop wordt geboden door de menselijke warmte tussen de twee hoofdrolspelers, Mortensen en de piepjonge Kodi Smit-McPhee. Ze worden belaagd door bewapende bendes, op jacht naar eten, mensenvlees zelfs als het moet. Daarmee wordt de kijker aanvankelijk op een dwaalspoor gezet, omdat The Road een horrorfilm lijkt te worden. Uiteindelijk is het een roadmovie, letterlijk en figuurlijk, maar wel een bijzondere. Vooral Mortensen, sterk afgevallen en getooid met een forse baard, overtuigt weer eens door de enorme intensiteit van zijn spel. Hij is nog steeds zonder Oscar. Wat moet iemand in godsnaam nog doen om zo’n beeldje te verdienen?