Un Prophète: het echte gevangenisleven

Voor de ene helft van de gevangenis hoort hij bij de Corsicanen. Voor de andere helft is hij een Arabier. En voor sommigen is Malik een lekker, vers negentienjarig hapje dat al dan niet vrijwillig geconsumeerd kan worden.

De wetten achter de tralies zijn keihard in Jacques Audiard’s film Un Prophète. In Amerikaanse gevangenisfilms wordt het leven nog wel eens geromantiseerd of gereduceerd tot clichés. Alles draait vaak om ontsnappingspogingen, of om het bewijzen van de eigen onschuld.

Doorgewinterde criminelen
Niets van dat alles in Un Prophète. Het zijn doorgewinterde criminelen waar Malik tussen terecht komt. Arabieren en Corsicanen, en het is verstandig om bij één van de twee te horen, maken ze hem meteen duidelijk.
Hij komt terecht bij de Corsicanen, onder leiding van César Luciani. Voor hun bescherming moet de jongeling wel eerst een klusje opknappen, of hij nu wil of niet. En dat akkefietje zal hem in de jaren in de cel blijven achtervolgen in nachtmerries, die Audiard in een prachtig surrealistische beeldtaal wist te vangen.
Un Prophète wisselt steeds tussen die surrealistische momenten en de rauwe, dagelijkse realiteit. Malik zie je volwassen worden in de cel. Acteur Tahar Rahim lijkt elke scène verder op te groeien: van naïef jongetje tot hulpje van de grote baas. Van impulsief naar calculerend. Van volger tot leider.

Angst inboezemen
Dat hij de macht van Luciani ooit zal tarten, is onontkoombaar. Audiard toont dat moment zonder veel geweld. Dat is niet meer nodig: Malik weet dan al dat angst inboezemen achter de tralies een veel effectiever wapen is, en dat dat bepaalt wie daadwerkelijk de baas is. Un Prophète is daarmee een tweeënhalf uur durende verplichte les in groeps- en crimineel gedrag.