Avatar creëert eigen droomwereld

Wie nog betwijfelt of 3D in de bioscoop nu echt een doorbraak gaat beleven, moet eens naar Avatar. Volle zalen verkennen daar namelijk gefascineerd de schitterende, door Titanic-regisseur James Cameron gecreëerde droomwereld.

Het plot is op zich redelijk eendimensionaal. De verlamde ex-marinier Jake Sully wordt uitgezonden naar een planeet waar het Na’avi-volk woont, lange blauwe wezens die innig verbonden zijn met het bos waarin ze wonen. Sully moet via een op zijn dna gebaseerde Na’avi-kloon bevriend raken met het volk en zorgen dat mensen de grondstoffen kunnen delven waar het gezelschap op woont. Maar uiteraard wordt de marinier verliefd op een van de blauwe wezens en wordt zijn loyaliteit op de proef gesteld.

Milieu
Geen heel bijzonder verhaal, al kun je er een commentaar in zien op de huidige toestand van de wereld met zijn milieuproblematiek. Maar Avatar teert vooral op fenomenale techniek: door de 3D heb je het idee helemaal in de droomwereld te zijn.
Cameron maakte na Titanic al onderwaterfilms in de derde dimensie. Dat leverde hem veel praktische ervaring op. Daar voegde hij de steeds populairdere motion capture-techniek aan toe: acteurs die hun werk vooral doen voor een blauw scherm in een pak dat al hun bewegingen registreert. Die informatie wordt vertaald naar getekende figuren, die daardoor een natuurlijke motoriek krijgen. Een techniek die ook in bijvoorbeeld A Christmas Carol heel effectief bleek.

Mijlpaal
Avatar is nog perfecter. Cameron werkte zijn wereld tot in griezelig detail uit. De film is een visueel spektakelstuk, een ijkpunt in de ontwikkeling van 3D. Wat dat betreft blijkt Avatar later misschien wel net zo’n mijlpaal als eerder bijvoorbeeld Star Wars of Lord of the Ring.